Inflammatoire darmziekten of IBD (Inflammatory Bowel Disease) zijn chronische aandoeningen die in verschillende delen van het darmkanaal ontstekingen en verzweringen van de darmwand doen ontstaan. De twee meest voorkomende varianten zijn colitis ulcerosa (CU) en de ziekte van Crohn (ZvC). 
    Bij IBD zoals colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn krijgt de patiënt last van ontstekingen in het darmkanaal. De daarbij horende symptomen zijn buikpijn, koorts, vermoeidheid, gewichtsverlies en diarree die vaak plots opkomt en bloederig kan zijn. Waardoor de patiënt minder voedingsstoffen opneemt en vocht verliest. Dat kan op zijn beurt leiden tot bloedarmoede, uitdroging en ernstig gewichtsverlies.

    Meestal krijgt iemand al op jonge leeftijd te horen dat hij lijdt aan CU of ZvC. Al valt dan nog niet te voorspellen hoe de ziekte zal evolueren. Vaak gaat het op en af met periodes waarin de patiënt zich goed voelt (remissies) en periodes waarin de ontstekingen weer toeslaan (opflakkeringen).

    Soms duurt het jaren om een correcte diagnose te stellen. Want een arts moet eerst een infectie of het prikkelbaredarmsyndroom uitsluiten. Pas als dat gebeurd is, kan een patiënt starten met een geschikte behandeling. Bovendien zijn CU en ZvC aanvankelijk moeilijk van elkaar te onderscheiden.

    Over de oorzaken van IBD bestaat nog geen zekerheid. Waarschijnlijk spelen zowel genetische elementen als omgevingsfactoren een rol. Denk hierbij aan virussen, bacteriën, eenzijdige maaltijden, stress en roken.
    Colitis ulcerosa begint vaak met een ontsteking in het laatste stukje van de dikke darm (rectitis). Van daaruit breidt ze zich uit in de wand van de dikke darm. Bij een kleine groep mensen ontsteekt zelfs de volledige dikke darm. De aanhoudende, sluimerende ontstekingen van colitis ulcerosa verhogen de kans op darmkanker. Daarom moet een patiënt de voorgeschreven medicatie correct innemen om de ontsteking blijvend te onderdrukken. Ook tijdens periodes waarin hij of zij zich beter voelt!
    De ziekte van Crohn manifesteert zich – in tegenstelling tot colitis ulcerosa – in verschillende delen van het darmkanaal:

    • dunne darm: 40 procent van de gevallen
    • dikke darm: 30 procent van de gevallen
    • dunne én dikke darm: 30 procent van de gevallen

    De ontsteking bij de ziekte van Crohn kan leiden tot verzweringen en vernauwingen in de darm. Bij ernstige gevallen kunnen er levensbedreigende verwikkelingen ontstaan. Bijvoorbeeld een verstopping. Of een darmperforatie.

    De ziekte van Crohn wordt meestal jong vastgesteld, als de patiënt tussen de 15 en de 25 jaar oud is. En het aantal gevallen lijkt te stijgen. Al is nog onduidelijk waarom.

    15 tot 20 procent van de patiënten heeft een dicht familielid dat ook lijdt aan ZvC.

    Meestal schrijft een arts medicijnen voor om IBD te lijf te gaan. Die proberen de ontstekingen in de darm onder controle te krijgen en de overreactie van het immuunsysteem te onderdrukken.

    Tijdens een opflakkering van de darmziekte mikt de therapie op:

    • snelle afname van de klachten
    • verbetering van de voedings-, vocht-, vitamine- en mineralenbalans
    • genezing van de ontstoken darmwand
    • voorkomen van complicaties

    Is de ontsteking onder controle? Dan voorkomt de onderhoudsbehandeling nieuwe opflakkeringen en beperkt ze het risico op verwikkelingen. Meestal schrijft uw arts aminosalicylaten (5-ASA) voor, zoals mesalazine.

    Lijdt u aan een ernstige vorm van IBD? Dan is een uitgebreidere behandeling aangewezen om de ziekte voor lange tijd te temmen. Uw arts kan u bijvoorbeeld vragen om al uw medicijnen te blijven innemen, óók als u zich beter voelt. Zo voorkomt u een plotse opflakkering en vergroot u de kans op een langere periode zonder klachten. Ook beperkt u zo het risico op colorectale kanker.

    Daarnaast raden artsen vaak aan om stress te vermijden – hoe moeilijk dat ook is. Ook een dieet met vitamine- en mineraalsupplementen is een goed idee, tenzij u last hebt van darmvernauwing.

    Een evenwichtig dieet met veel koolhydraten en eiwitten beschermt u dan weer tegen een voedingstekort door chronische diarree. Vooral ZvC-patiënten zetten met een aangepast eetpatroon vaak een grote stap vooruit. Sommigen reageren bijvoorbeeld ook positief op een lactose- of glutenvrij dieet. Anders gezegd: geen melkproducten meer, of geen tarwe.